Indexatiebeleid

ABN AMRO Pensioenfonds probeert elk jaar op 1 april de pensioenen aan te passen aan de prijsstijgingen in het voorgaande jaar. Het aanpassen van de pensioenen aan de prijsstijgingen noemen we indexatie. Lees hier alles over ons indexatiebeleid.

Zo stellen we de prijsstijgingen vast:

De basis voor het vaststellen van de prijsstijgingen is de consumentenprijsindex – alle huishoudens (CPI), gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) van januari tot januari. Deze prijsindex volgt o.a. de prijsstijging van voedingsmiddelen, kleding, huisvesting en vervoer.

Wanneer indexeren we?

Het bestuur beslist of, en in welke mate er wordt geïndexeerd. De indexatie is voorwaardelijk. Een voorwaarde is dat de financiële situatie van het pensioenfonds ruimte biedt om indexatie toe te kennen. Een maatstaf hiervoor is de dekkingsgraad.

Wel of geen indexatie?

Na 1 april van elk jaar publiceren wij een nieuwsbericht over de indexatie. Je leest dit bericht ook in de eerste Nieuwsflits na 1 april.

Waar houdt het bestuur rekening mee?

Het bestuur van ABN AMRO Pensioenfonds kijkt naar de toekomstbestendig indexeren dekkingsgraad (TBI), de beleidsdekkingsgraad en de economische dekkingsgraad. Bij de economische dekkingsgraad worden de waarde van de beleggingen en de waarde van de verplichtingen berekend met behulp van de actuele marktrente (rentestand per eind december). Bij de beleidsdekkingsgraad wordt de waarde van de verplichtingen berekend met behulp van een rente die door De Nederlandsche Bank wordt bepaald. De TBI geeft aan bij welke hoogte van de beleidsdekkingsgraad volledig kan worden geïndexeerd. Dit is gebaseerd op het principe dat bij die hoogte volledige indexatie niet eenmalig, maar naar verwachting ook in de toekomst kan worden gegeven.

Welke richtlijnen zijn er om indexatie toe te kennen?

Het bestuur heeft richtlijnen vastgesteld voor het toekennen van de indexatie. Hierbij houdt zij ook rekening met koopkrachtbehoud op lange termijn en de beheersing van de gevolgen van een pensioenverlaging. Dit zijn de richtlijnen:

  • De beleidsdekkingsgraad per eind december van het voorgaande jaar moet hoger zijn dan 110%.

  • Bij het indexatiebesluit bekijkt het bestuur de gevolgen voor de economische dekkingsgraad en bepaalt daarmee of indexeren verantwoord is. Als de economische dekkingsgraad in gevaar komt, verleent het pensioenfonds geen of minder indexatie. De gemiste indexatie kunnen we inhalen als het financieel weer beter gaat.

  • Als er ruimte is voor indexatie dan kent het pensioenfonds eerst reguliere indexatie toe. De reguliere indexatie compenseert de prijsstijgingen in dat jaar. De mate van indexatie is afhankelijk van de verhouding tussen de beleidsdekkingsgraad en de TBI.

  • Als we na het toekennen van de reguliere indexatie nog ruimte hebben, kan het bestuur een incidentele indexatie toekennen. We mogen 20% van de buffer (de buffer is dat wat boven de TBI komt) gebruiken voor incidentele indexatie. Met een incidentele indexatie haal je in het verleden gemiste indexatie in, of compenseer je in het verleden doorgevoerde pensioenverlagingen.

Kan het bestuur afwijken van de richtlijnen?

Het bestuur kan het beleid wijzigen of afwijken van bovengenoemde richtlijnen als de omstandigheden daar aanleiding toe geven. Bijvoorbeeld als de wet- en regelgeving verandert, door voorschriften van de toezichthouder of als dit in het belang is van de (oud-) medewerkers, gepensioneerden en de werkgever.

Nooit meer iets missen? Meld je aan voor de Nieuwsflits

Lees het laatste nieuws en ontwikkelingen. Bekijk eerder verschenen Nieuwsflits edities:

  • blijf op de hoogte van de financiële ontwikkelingen
  • schrijf je als eerste in voor de nieuwste webinars
  • krijg tips en leuke weetjes over pensioenzaken
Meld je aan Bekijk de laatste Nieuwsflits

Title